Minister en gemeenten maken afspraken over permanente bewoning vakantieparken
De woningnood is hoog. Sommige mensen zijn hierdoor aangewezen op een recreatiewoning en verkeren in onzekerheid over hun toekomst. Daarom wil het kabinet zekerheid en duidelijkheid bieden aan deze permanente bewoners en uitvoeringsprobleme
> Dit bericht is automatisch samengevat op basis van de officiële publicatie. De redactie werkt nog aan een uitgebreide duiding.
De woningnood is hoog. Sommige mensen zijn hierdoor aangewezen op een recreatiewoning en verkeren in onzekerheid over hun toekomst. Daarom wil het kabinet zekerheid en duidelijkheid bieden aan deze permanente bewoners en uitvoeringsproblemen oplossen.
Minister Elanor Boekholt O’Sullivan (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ontwikkeling) informeert vandaag de Tweede Kamer over nieuwe afspraken met gemeenten. Het uitgangspunt van de minister is dat de situatie van bewoning onveranderd blijft voor bewoners van recreatiewoningen, tenzij er voor gemeenten redenen zijn om te handhaven zoals bijvoorbeeld bij ondermijning. Bewoners kunnen nooit zomaar op straat komen te staan.
Met gemeenten is overeengekomen dat permanente bewoners in schrijnende situaties moeten worden beschermd. Er wordt bekeken of hun woonsituatie kan worden gelegaliseerd. Als dit niet mogelijk is, wordt door gemeenten ingezet op het vinden van een passende oplossing.
Deze uitgangspunten komen dit jaar nog in een handelingskader voor gemeenten. Gemeenten kunnen door de minister worden aangesproken als zij zich hier niet aan houden. Dit betekent dat het kabinet niet verder gaat met de instructieregel die door het vorige kabinet is aangekondigd.
Uit de uitvoeringstoets blijkt dat de instructieregel, in combinatie met het huidige huurtoeslagbeleid, niet uitvoerbaar is voor Dienst Toeslagen. Daarnaast past 1 generiek juridisch instrument niet bij de verschillende situaties op vakantieparken. De instructieregel houdt te weinig rekening met persoonlijke omstandigheden van bewoners en de situatie op een park, wat per geval kan verschillen.
Bron: Rijksoverheid Financien.
Tags